De overstap naar zero-emissie is in de taxibranche en het WMO-vervoer al jaren in volle gang. Vooral in het doelgroepenvervoer stimuleren overheden elektrisch rijden via aanbestedingen. Toch bleef één deel van de markt lange tijd achter: de rolstoelbus. Nieuwe regels brengen daar sinds 2025 verandering in, ook in het ov.
Overheden zetten al jaren in op minder uitstoot. Ook bij aanbestedingen voor doelgroepenvervoer speelt duurzaamheid een steeds grotere rol. Voor gewone personenauto's is elektrisch rijden inmiddels goed haalbaar. Voor grotere en zwaardere rolstoelbussen ligt dat anders, vertelt Sjoerd van der Woude, Sales Manager Nederland bij Tribus.
“We zien al jaren een toenemende vraag naar Zero Emissie-voertuigen in het openbaar vervoer, ook bij buurtbusjes. In veel uitvragen is ‘ZE’ zelfs een harde eis, is het niet nu dan wel in de toekomst. Dat kan wel zorgen voor hogere kosten. De actieradius is ook nog een probleem: als een buurtbusje de hele dag rijdt, is die nog niet altijd voldoende.”
Meer gewicht, meer mogelijkheden
Voor rolstoelbussen vormde het gewicht lange tijd een belangrijke belemmering. Een voertuig wordt door de rolstoelombouw zwaarder, onder meer door het geïntegreerde vloersysteem en een eventuele rolstoellift. Bij elektrische voertuigen komt daar het gewicht van het accupakket bij.
“Chauffeurs met een B-rijbewijs mochten alleen rijden met voertuigen tot 3.500 kilogram GVW. Daardoor bleef er minder laadvermogen over voor rolstoelpassagiers en lopende passagiers. Ondernemers moesten kiezen voor minder zit- en rolstoelplaatsen. Voor elektrisch aangedreven voertuigen werd de uitdaging nog groter.”
Tribus trok daarom samen met onder meer KNV Taxi en de RAI Vereniging aan de bel bij de overheid. De lobby voor een hogere gewichtslimiet begon in 2023. Sinds 1 juli 2025 mogen bestuurders met een B-rijbewijs in Nederland onder voorwaarden een emissievrij voertuig besturen tot 4.250 kilogram.
“Een opluchting voor de branche”, noemt Van der Woude de nieuwe regeling. Volgens hem maakt de hogere gewichtslimiet elektrisch rolstoelvervoer een stuk realistischer en haalbaarder.
Techniek en regelgeving
Ook op andere gebieden wordt gewerkt aan betere voorwaarden voor elektrisch rolstoelvervoer. Zo zette Tribus zich samen met branchepartijen in voor een correctie op de BPM-regeling voor elektrische rolstoelbussen.
Daarnaast vraagt de ontwikkeling van nieuwe elektrische bedrijfswagens om nieuwe ombouwconcepten. Tribus onderzoekt bij ieder nieuw model of het geschikt is voor rolstoelvervoer en welke aanpassingen nodig zijn. “Door de strenge regels rond productaansprakelijkheid willen fabrikanten zeker weten dat een omgebouwd voertuig veilig blijft en het accupakket niet in gevaar komt.” Na uitgebreide tests en goedkeuring door de fabrikant kan een zogeheten Letter of No Objection (LONO) worden verstrekt, waarmee ook de fabrieksgarantie behouden blijft.
Nog niet alle obstakels weg
De nieuwe regels bieden meer mogelijkheden, maar nemen niet alle uitdagingen weg. De actieradius van een elektrische rolstoelbus ligt in de praktijk vaak rond de 300 tot 350 kilometer. “Voor lange diensten betekent dat tussentijds laden. Voor veel ondernemers is een tweede voertuig – alleen om tijdens het laden door te kunnen rijden – financieel niet haalbaar.”
De hogere gewichtslimiet is daarmee geen oplossing voor alle uitdagingen, maar haalt wel een belangrijke praktische barrière weg.
Meer weten over de praktijk?
Tijdens het OV-Congres gaat Tribus verder in op de ontwikkelingen rond zero-emissie rolstoelbussen. Sjoerd van der Woude bespreekt in een speciale sessie de gevolgen van nieuwe wet- en regelgeving, de technische uitdagingen en de mogelijkheden die de hogere gewichtslimiet biedt. Een praktische blik op de vraag hoe elektrisch rolstoelvervoer verder kan worden gebracht.
Auteur: Marcel Slofstra

